je bent hier:
NIEUWS NIEUWSARCHIEF
Multidisciplinaire begeleiding aan het levenseinde in de ouderenzorg en de thuiszorg
Verpleegkundigen vragen structurele maatregelen.

De rol die de verpleegkundigen vervullen bij de “multidisciplinaire begeleiding aan het levenseinde (MBL)” van de patiënt/bewoner is onduidelijk, alhoewel hun betrokkenheid zeer groot is, zoals gedefinieerd in art. 21 quinquies §1 a) van het KB nr 78: “Het verlenen van stervensbegeleiding en begeleiding bij het verwerken van het rouwproces”.

Voor wat betreft de wet op de euthanasie van 28 mei 2002, heeft de juridische adviesgroep van het NVKVV reeds een voorstel geformuleerd tot aanpassing, waardoor de rol van de verpleegkundige bij dit gebeuren duidelijk wordt geformuleerd. Slechts 1 tot 2 % van de overlijdens gebeurt door middel van euthanasie (actieve levensbeëindiging).
De andere vormen van “medische beslissingen bij het levenseinde” hebben betrekking op:
• adequate pijn- en symptoomcontrole en palliatieve sedatie
• beslissing tot niet (meer) behandelen en het weigeren van de behandeling.
• Andere vormen van actieve levensbeëindiging dan euthanasie.

In deze omstandigheden wordt de verpleegkundige geconfronteerd met zorgethische problemen die in teamverband moeten kunnen opgelost worden. Door het meestal ontbreken van duidelijke richtlijnen en overlegprocedures in de zorgsettings verkeren de verpleegkundigen in het onzekere, waardoor een consequente totale zorg aan de patiënt niet kan toegepast worden.

Wij zijn van mening dat de termen “medische beslissingen bij het levenseinde” en “medisch begeleid sterven” onvoldoende de inhoud van deze ethische problematiek weergeven. Naast de artsen zijn ook verpleegkundigen, zorgkundigen, kinesitherapeuten, psychologen, pastoraal werkers en anderen betrokken bij het levenseinde van de patiënt. Zij werken in teamverband nauw samen om, rekening houdend met de wensen en de verwachtingen van de patiënt en zijn verwanten, zijn levenseinde waardig en comfortabel te laten verlopen. Levenseinde wordt ook ruimer gezien dan “sterven”. Trouwens de palliatieve zorg start beter niet op het ogenblik dat de patiënt stervende is, maar begeleidt hem van zodra het duidelijk wordt dat de aandoening waaraan hij lijdt binnen afzienbare tijd aanleiding zal geven tot zijn overlijden. Om al die redenen zijn wij de mening toegedaan dat de term ‘Multidisciplinaire Begeleiding aan het Levenseinde” MBL beter geschikt is dan de twee andere termen.

De wet op de palliatieve zorg van 14 juni 2002 verzekert het recht van elke patiënt op palliatieve zorg. Ook de wet betreffende de rechten van de patiënt van 22 augustus 2002 verzekert de patiënt het recht op volledige informatie over zijn gezondheidstoestand en al dan niet akkoord te gaan met onderzoekingen en behandelingen. Om de drie hoger vermelde wetgevingen op een ethische correcte manier te kunnen toepassen, is het van belang dat de gezondheidszorginstellingen aan hun medewerkers en in het bijzonder aan de verpleegkundigen en zorgkundigen duidelijke informatie verschaffen over hoe deze wetgevingen binnen de instelling worden toegepast onder meer in het kader van de “medische beslissingen bij het levenseinde”of beter “multidisciplinaire begeleiding aan het levenseinde”.

Ook bij andere ethische problemen waarover al dan niet wetgeving bestaat, is het van belang dat de gezondheidszorgwerkers duidelijk weet hebben van het standpunt van de instelling of de organisatie en de te volgen procedures.  

MBL in de ouderenzorg

Om deze doelstellingen in de instellingen voor ouderenzorg RVT-ROB te realiseren, zijn  structurele maatregelen noodzakelijk die door specifieke wetgeving moeten ondersteund worden:
• De oprichting van een ethisch comité dat een begeleidende en raadgevende functie heeft met betrekking tot de ethische aspecten van de ouderenzorg. Dit comité stelt ondermeer volgende protocollen op:

  • De “multidisciplinaire begeleiding aan het levenseinde”, rekening houdend met de wetgeving die hierop betrekking heeft.
  • “Vroegtijdige zorgplanning” (Advanced care planning) waarbij zo mogelijk met elke bewoner besproken wordt hoe deze zijn verdere levensloop ziet evolueren en welke verwachtingen hij hieromtrent heeft.
  • Begeleidt zorgverstrekkers die in dat kader psychologische ondersteuning nodig hebben.

• Samenstelling van het ethisch comité:
- 3 artsen, waar onder de coördinerende arts.
- 3 verpleegkundigen, waar onder 1 hoofdverpleegkundige en een verpleegkundige behorend tot het palliatief support team.
- 1 paramedicus
- 1 pastoraal of maatschappelijk werker
- 1 jurist
- 1 ethicus

• Wettelijke aanknopingspunten tot oprichting van het ethisch comité:
- Voor de RVT kan er gesteund worden op de ziekenhuiswet  en het KB van 23/10/1964 art.9 ter. 
- Voor de ROB kan er gesteund worden op het decreet van 17/10/2003 betreffende de kwaliteit van de gezondheids- en welzijnsvoorzieningen.
- Een RVT/ROB kan ook vrijwillig aansluiten bij het ethisch comité van het ziekenhuis of de ziekenhuisgroepering waarmee ze in de praktijk samenwerkt, of met andere RVT/ROB instellingen een gezamenlijk ethisch comité vormen.

MBL in de thuiszorg

Om de hoger vermelde doelstellingen in de thuiszorg te realiseren, zijn  structurele maatregelen noodzakelijk die door specifieke wetgeving worden ondersteund:
• Binnen elk Samenwerkingsinitiatief Eerste Lijn SEL van de Vlaamse Gemeenschap wordt een ethisch comité opgericht dat een begeleidende en raadgevende functie heeft met betrekking tot de ethische aspecten van de thuiszorg.
- Dit comité stelt ondermeer volgend protocol op: De “multidisciplinaire begeleiding aan het levenseinde”, rekening houdend met de wetgeving die hierop betrekking heeft.
- Het comité begeleidt zorgverstrekkers die in dat kader psychologische ondersteuning nodig hebben.

• Samenstelling van het ethisch comité:
- 3 huisartsen waar onder één met een bijzondere bekwaamheid in de palliatieve zorg en deel uitmakend van een palliatief team.
- 3 verpleegkundigen (1 in loondienst en 1 zelfstandige) en één verpleegkundige behorend  tot een multidisciplinaire begeleidingsequipe in de thuiszorg MBE.
- 1 jurist.
- 1 ethicus.
- 1 paramedicus.
- 1 maatschappelijk werker.

• Wettelijke aanknopingspunten tot oprichting van het ethisch comité:
- Het decreet op het samenwerkingsinitiatief eerste lijn SEL.
- Meerdere SELn zouden samen 1 ethisch comité kunnen samenstellen.


René Tytgat,  
22 mei 2008

Geef uw Gebruikersnaam en Paswoord.
Gebruikersnaam
Paswoord
Blijf ingelogd
Paswoord vergeten?